Reisverslag Cowa clubvakantie Sudan

23 oktober 2009 – 01 november 2009

 

 

Op een onmenselijk vroeg uur op vrijdagochtend, stonden 16 dappere ‘cowa-ters’ klaar om op vakantie naar Sudan te vertrekken. De afspraak was niet aan de coffeecorner deze keer, nee nee, aan de Starbucks. Een mens moet meegaan met zijn tijd nietwaar.

Na het inchecken, altijd een moment van vingers kruisen wanneer ze de bagage wegen, vlogen we zonder veel problemen naar Rome.

Daar aangekomen maakte Richard meteen zijn eerste announcement van het verlof, maar  op zo’n vroeg uur hadden daar toch maar weinig mensen oren naar. Dan maar liever op ontdekking trekken in het vliegveld. Kris kocht zoveel eten en drinken dat de kassa het niet meer aankon en er de brui aan gaf. Geen probleem natuurlijk in zo’n modern land als Italië. Blijkbaar moet je dan maar gewoon zelf achter de toog gaan staan en nemen wat je wilt. Dominique trok ook op ontdekkingstocht maar kocht niets, tot groot ongeloof van Laurent.

 

Els werd tot schatbewaarder van de club gepromoveerd, en het moet gezegd, ze heeft dat goed gedaan. Pas maar op Richard want ze gaat met uw job lopen!

Wanneer we aan de gate stonden bleek dat de Italiaanse luchtverkeersleiders staakten. Niet onbegrijpelijk natuurlijk, die mensen moeten enorm hard werken, en worden zwaar ondergewaardeerd en onderbetaald, maar ook dit was in Italië geen probleem...gewoon een blik interim-studentjes opendoen en het vliegtuig kon vertrekken.

 

Aangekomen in Cairo werden we naar het Novotel gebracht, waar ze blijkbaar allemaal kamers met dubbele bedden voorzien hadden. Kamergeheimen prijsgeven doen we natuurlijk niet, al wil ik wel vermelden dat Jef op de zetel heeft moeten slapen. s’Avonds trokken we dan de bazaar in, waar je allerlei kwaliteitsproducten -aheum- kon kopen. Riccardo kocht een échte Rolex. Blijkbaar zijn digitale horloges rommel en moet je een analoog horloge hebben om erbij te horen.

 

Op zaterdag trokken we dan op ontdekking door Cairo. Hoogtepunten waren  de Piramides, de Sfinx en het Egyptian Museum, professioneel van commentaar voorzien door onze gids Houssein. Aan de Piramides was het wel wat aanschuiven door een marathon die aan de gang was. Een marathon voor borstkanker volgens Martine, al ben ik daar zelf niet zo zeker van. Hoe dan ook was het zo druk dat de bussen spontaan tegen elkaar begonnen te rijden. Geen probleem natuurlijk. Gewoon oogkleppen opzetten en doorrijden. Verkeersregels in Cairo zijn blijkbaar eerder een suggestie dan een regel, en rijvakken zijn er enkel voor de esthetische  waarde op de weg geschilderd. De bussen zijn er wel naar westerse norm, en hebben vooraan een microfoon waarvan Richard dankbaar gebruik maakte om zijn announcements te doen. Richard is immers een ervaren Egypte reiziger en gaf ons tips over hoe ons te gedragen en wat te kopen, ook al doet hij dat zelf niet. Jef luisterde niet zo goed en kocht ineens 7 papyrussen.

 

‘s Avonds vlogen we dan verder naar port Sudan. Aangezien Sudan een streng moslimland is moet er natuurlijk wel een dresscode gevolgd worden. Els deed dit zo braaf dat Werner spontaan “amai Els, ik ben niet gewoon van u bedekt te zien” eruit flapte. Toen Werner zijn P-magazine, met op de cover een blote kont uit de handbagage viel bij de douane had hij wel ineens veel minder praat. Enkelen in de groep besloten zich meteen onder te dompelen in de plaatselijke folklore en gingen naar het toilet op het vliegveld. Het feit dat de Franse wc’s blijkbaar een jaar niet meer gekuist waren deed dit enthousiasme wel snel wegebben.

 

Aangekomen op de boot begon het vaste ritueel van kamers opeisen en duikmateriaal ineen vijzen. Marc had echter geen zin om zijn materiaal ineen te vijzen en besloot dan maar de illegaal het land binnengesmokkelde wijn te proeven. En ritueel dat zich vanaf dan iedere avond zou herhalen.

 

Na een korte nachtrust was het dan tijd voor een eerste duik. Na de briefing van Marina, een hele vriendelijke instructrice met een kleine overdosis testoreron, sprongen we in het water van maar liefst 31 graden. Hilde gniffelde in haar vuistje. Terwijl de meesten een 7mm pak hadden meegenomen, had zij dapper voor een 3mm gekozen. Een wijze keuze zo bleek, ondanks de pesterijen die ze de dag voordien op het vliegtuig had moeten doorstaan. We werden meteen ondergedompeld in de pracht van de rode zee. Het koraal in Sudan is in uitstekende toestand aangezien er maar weinig gedoken wordt. Al moet er wel bijgezegd worden dat de toestand net iets minder goed is nu Richard zijn wandeling over de bodem heeft afgewerkt.

 

Na de eerste duik was het  dan tijd voor een gevarieerd ontbijt. Mogelijke keuzes waren: brood met smeerkaas, brood met confituur, brood met boter en confituur, brood met smeerkaas en confituur, droge koekjes met boter en confituur etc.  Te veel om op te noemen eigenlijk. Na het ontbijt was er dan tijd voor relaxen en bijpraten. Laurent deelde levenswijsheden, (spouwen is gevaarlijk) en Pedro kwam met het initiatief voor een naked Tuesday. Deze suggestie werd wel met weinig enthousiasme onthaald.

Frank begon zowaar te lezen tot grote verbazing van Martine en de rest van de groep. Toegegeven, het was maar een P-magazine, maar een mens moet ergens beginnen nietwaar.

 

Tijd dan voor een tweede duik. Onder begeleiding van Davide de cameraman van dienst, en Aurora, een Italiaans oudje dat zich onder water transformeert in een TGV die zelfs Pedro niet kon bijhouden, doken we de blauwe in op zoek naar hamerhaaien. Alleen spijtig dat die beesten zo diep zitten. Onze deep-diver specialty hebben we allemaal verdiend, en Riccardo krijgt al een lamme arm als hij alleen nog maar denkt aan al de PADI-kaartjes die hij zal moeten invullen. Martine werd zenuwachtig bij de gedachte alleen al, maar heeft zich toch heel flink gehouden volgens het ‘no hypie no pipi’ principe.

Enkele watjes, zoals bijvoorbeeld Vicky en Frank,  opteerden er soms wel voor om een shallow dive te doen. Dit betekent een ondiep duikske naar 35 meter. Tja, verschil moet er zijn nietwaar, en we achten hen hiervoor dan ook niet minderwaardig.

 

Tijd dan voor het middageten, dat altijd vegetarisch was. Riccardo zag dit echter niet zitten en haalde zijn hoogtechnologische vislijn boven. Een kleinigheid waaraan iedereen behalve Riccardo gedacht had is natuurlijk het feit dat Riccardo niet kan stilzitten. Na 3 minuten besloot hij al dat vissen toch maar vrij saai was. Marc kon Riccardo echter motiveren en samen klommen ze in de zodiac om te gaan vissen. Na twee uur kwamen ze terug, en ze hadden twee zeenaalden gevangen van zo’n 10 cm lang, niet bepaald genoeg voor een riante maaltijd. De bemanning deed het iets beter, en slaagde erin een barracuda te vangen met alleen maar een touwtje aan een houten blok. Daar stonden onze mannen dan met hun superdeluxe ultra-light superflex vislijn met ingebouwde dvd-speler!

 

Na de siësta doken we dan het water in voor de derde duik. Ditmaal onder begeleiding van Fransisco, die steevast elk probleem oploste met de woorden “This is Sudan!”, wat zoveel betekent als, shit happens, maar we trekken ons er niet al te veel van aan. Aangezien we er al twee duiken opzitten hadden doken we nu conservatief: maximum 40 meter diepte en 15 minuten deco. (alhoewel, dat mag toch niet van ‘de Padi’) Zo conservatief duiken vond Riccardo maar saai dus besloot hij de rode zee in een jacuzzi te transformeren. Tja, 25 adapters aan uw octopus hangen staat misschien wel cool, maar brengt toch ook risico’s met zich mee. Bellen blazen kan ik ook zei Jef, en hij besloot alleen de dieperik in te gaan met 2 afblazende automaten. Hilde kon er niet mee lachen en is hem achteraf aan zijn oren gaan trekken. Jef was zich echter van geen kwaad bewust, en vond het eerder een heldendaad dan onverantwoord duikgedrag. Jef zorgde samen met Richard overigens ook voor een muzikale noot onderwater. Beide leken ze een mp3-speler mee te hebben genomen in plaats van een duikcomputer.

 

Op het wrak van de Blue Bell spotte Riccardo een schildpad, en daar moest een foto van getrokken worden. Hilde was fotograaf van dienst maar bevond zich helemaal achteraan en dus besloot Riccardo haar te roepen door ADHD-gewijs met zijn handen te zwaaien tot Hilde kwam. Volgens sommigen kon je hem zelfs ‘ilde ilde’ horen roepen onder water, al heb ik dat zelf niet gehoord. Hoe dan ook, Hilde kreeg het ervan op haar zenuwen en er kwam zowaar en echtelijke ruzie van.

 

Na de derde duik was het dan tijd om de gewonden te verzorgen, en Hilde ontdekte zowaar een nieuwe roeping, namelijk verpleegster spelen. Het is wel eigenaardig dat het enkel de bankiers waren die met pijntjes zaten. Is het nu omdat zij gewoon zijn achter een bureau te zitten, of zijn ze gewoon kleinzeriger? Wie zal het zeggen?

Hilde komt nooit ongehavend van een duikreis terug, zo ook nu niet. Ze verwacht blijkbaar een grote uitbetaling van DAN ter compensatie van de blauwe plek die ze opliep.

 

Af en toe deden we ook een nachtduik, meestal op de onderwaterbasis van Jaques Cousteau. Dominique en Laurent bleven achteraan de groep hangen en leefden helemaal op bij het zien van de vele naaktslakjes. Werner en Els durfden zelfs nog verder van de groep afdwalen maar werden meteen terecht gewezen door moeder kloek Marina. Els was hierdoor zwaar verontwaardigd en zei zich van geen kwaad bewust te zijn. Dat komt wel vaker voor heb ik de indruk, maar dit kan aan mij liggen...

 

Na het avondeten was het dan tijd om te socialisen. Marc vertelde vele verhalen, die om een of andere reden steevast beginnen met “je moet eens gaan eten in...” of met de vraag “en je al eens gaan eten in”.

Vicky kwam erbij zitten en zei dat ze Sudan supertof vond! Ze durfde niets anders zeggen, want ze had in Cairo nogal veel geklaagd, en vond het niet tof dat daar grapjes over gemaakt werden. We moeten wel in alle eerlijkheid toegeven dat ze in Sudan geen enkele keer geklaagd heeft  dat het te koud was. Heel flink van haar!

 

De laatste dag was er nog een uitstap naar Suakin gepland. Een eens levendige stad, gebouwd met koraal, die min of meer tot een hoop stenen is herleid. Volgens Frank werden de huizen gebouwd met koraal waar Richard ooit op gedoken had, alhoewel ik niet zo zeker ben dat dit historisch correct is. De gids kon het ook niet bevestigen. Maar ja, het enige dat hij kon bevestigen is dat er daar ooit gebouwen hadden gestaan en nu niet meer. Zover waren wij ook al. s’Avonds vlogen we dan terug naar Cairo alwaar we opgewacht werden door Nasser. Een brave Egyptenaar, met een iets te grote broek en een zenuwtik of 4. Toen hij dan ook nog twintig minuten verdween maakte hij zich niet populair, maar dit maakte hij goed door ervoor te zorgen dat we zondag pas om 3 uur moesten uitchecken. D.w.z. dat iedereen de sleutel van zijn kamer tot dan mocht bijhouden, terwijl Richard de week voordien maar voor twee kamers een late checkout kon regelen. Nasser kreeg dollartekens in zijn ogen en begon al te watertanden wanneer hij dacht aan de baksjies die hij ongetwijfeld zou krijgen voor zo’n prestatie. De ontnuchtering zou noch volgen...

 

De volgende dag vlogen we terug naar huis. Blijkbaar is maar 1 van de 40 balies in de vlieghaven van Cairo beschikbaar om in te checken, en de rij was dan ook aanzienlijk. “No problem, I arrange group checkin, that is very good” zei Nasser, en hij liet een extra balie openen voor ons. Tegen dan was de rest van het vliegtuig al wel ingecheckt natuurlijk, maar dat is niet zo belangrijk. De brave mens heeft nog een 15-tal minuten met een open hand naast de groep gestaan, maar besefte uiteindelijk toch dat hij niet te veel fooi moest verwachten.

Om terug te wennen aan de stress van ons bestaan in België kregen we zo’n 15 minuten om in Rome over te stappen. Dit was zo weinig tijd dat Marc zelfs, met pijn in zijn hart, de wijnbar in de terminal voorbijliep. Riccardo vond het echter meer dan genoeg tijd en ging een boek kopen...en een koffie...en ging dan nog eens terug om ook nog een ‘boekske’ voor op het vliegtuig te kopen. Tja, de eerste Italiaan die stress kent moeten ze toch ook nog uitvinden. Hoe dan ook kwamen we allemaal veilig aan in Zaventem...het was weer goed geweest!

 

Matthias