Als duikers uit de Lage Landen krijgen we dikwijls de vraag of er hier überhaupt wel iets te zien is onder water.

Het antwoord is dan steevast: absoluut!

Oosterschelde kreeft
Foto Dirk Van Meir
Oosterschelde kreeft Foto Dirk Van Meir

De onderwaterwereld in België en Nederland is zeer mooi en gevarieerd.  Het is natuurlijk niet de Rode Zee en het zicht kan al wel eens tegenvallen maar desondanks hebben we hier onder water een rijke fauna en flora.

“A picture paints a thousand words” dus naast wat uitleg willen we op deze pagina vooral de onderwaterpracht in onze lokale wateren laten zien.

Waar duiken we dan zoal?

Het duik-mekka van de Lage Landen is zonder twijfel de Oosterschelde.  De aanwezigheid van getijden, de bodemstructuur, het zoutgehalte, de seizoenen… alle factoren samen zorgen dat er een biotoop ontstaan is waar meer dan 250 diersoorten hun thuis vinden. De watertemperatuur schommelt hier in de winter tussen de -2 en 6°C en in de zomermaanden kan deze oplopen tot 20°C of zelfs 24°C aan de oppervlakte. Door deze temperatuurschommelingen ontstaan er ook onder water seizoenen in de Oosterschelde.

Kompaskwal. Foto Ellen&Pedro
Kompaskwal. Foto Ellen&Pedro
Hermietkreeft. Foto Thierry Boeve
Hermietkreeft. Foto Thierry Boeve

Het onderwaterleven op de duikplaatsen varieert dan ook van maand tot maand. In de wintermaanden is het Oosterschelde leven relatief rustig, krabben scharrelen nog wat rond, er zijn nog wat hermietkreeftjes op pad en garnalen houden hun holletjes schoon. Er zijn echter ook echte wintergasten zoals  bijvoorbeeld de slakdolf of de meun.

In de lente schiet de Oosterschelde letterlijk in bloei, de langere dagen zorgen voor de snelle groei van allerlei wieren, de ideale broedplaats voor de jongen van de lente gasten. Zowel de snotolf (de lompvis), sepia en pijlstaartinktvis komen volop paren in het voorjaar wat wonderlijke taferelen oplevert.

Slakdolf. Foto Ellen&Pedro
Slakdolf. Foto Ellen&Pedro
Snotolf. Foto Ellen&Pedro
Snotolf. Foto Ellen&Pedro

De mannelijke snotolf in zijn knalrode paaikleed is een graag gespotte vis en vaak is hij wekenlang rond zijn nest te vinden waar hij met de grootste zorg zijn eitjes bewaakt. Vooral in mei, bij een nog frisse watertemperatuur van 14-15 graden komt de Sepia, de zeekat, vanuit de noordzee naar de Oosterschelde om te paaien.

Sepia’s komen, na een afwezigheid van ongeveer één tot twee jaar op volle zee, terug naar de plaats waar ze zelf ooit geboren zijn. De strijd om een wijfje is hard en mannetjes proberen rivalen af te slaan door snelle kleursveranderingen en brutale aanvallen.

Als het wijfje éénmaal een partner gekozen heeft, zet ze haar eitjes af op rekjes die geplaatst werden door een aantal enthousiaste vrijwilligers.

Sepia. Foto Matthias Vertommen
Sepia. Foto Matthias Vertommen

Bij het stijgen van de watertempertuur leeft het onderwaterleven ook weer op. Krabben, garnalen in alle maten en kleuren, zeenaakslakken, kreeften en hermietkreeften komen in grote getalen voor. Ook verschillende soorten vissen zoals botervisjes, zeenaalden, zeedonderpadden, grondeltjes, pladijzen en steenbolken laten zich weer meer zien.

Pladijs. Foto Matthias Vertommen
Pladijs. Foto Matthias Vertommen

In de zomer bruist de oosterschelde van het leven en zijn ook de borelingetjes van sepia’s en snotolven te zien of een immer schattig sepiola (dwerginktvis).

’s Zomers is de wens van elke Oosterschelde duiker om een zeepaardje te kunnen zien, deze diertjes komen de laatste jaren meer voor maar zijn vaak moeilijk te vinden.

 

Zeepaardje. Foto Ellen & Pedro
Zeepaardje. Foto Ellen & Pedro
Sepiola. Foto Fred De Noyette
Sepiola. Foto Fred De Noyette

Een speciale vermelding geldt zeker voor de zeenaaktslakken (nudibranch).   Zeenaaktslakken komen in allerlei kleuren en vormen voor, waarbij zowel de kleur als de vorm een waarschuwingsfunctie of een camouflagefunctie heeft. Hoewel er ook grote soorten bestaan zoals de Spaanse Danseres zijn deze diertjes meestal klein, niet altijd makkelijk te vinden maar steeds bijzonder.

Slanke waaierslak

 Foto Fred De Noyette
Foto Fred De Noyette

Harlekijnslak

Foto Ellen & Pedro
Foto Ellen & Pedro

Blauwtipje

Foto Matthias Vertommen
Foto Matthias Vertommen

Groene wierslak

Foto Ellen & Pedro
Foto Ellen & Pedro

Kortom, er is steeds weer iets nieuws te zien, zeker de moeite waard. Via deze link vind je een biologische kalender van Zeeland (met dank aan Scuba XP) terug, die samenvat wanneer er welk dier te vinden is. De duikstekken zijn allemaal mooi aangegeven en meestal voorzien van een duiktrap.  Op verschillende plaatsen kan men zijn flessen vullen en een aantal accommodaties zijn hebben specifieke voorzieningen voor duikers. Het is echter belangrijk om te weten hoe je in de Oosterschelde moet duiken: het verschil tussen eb en vloed is vaak groot wat voor een stevige stroming zorgt tussen de getijden. Het is daarom ook aangewezen om rond de kentering (het moment waarop het tij wisselt) te duiken als de stroming gaat liggen. Wanneer de kentering valt kan je online of in een getijdenboekje vinden.

Steur. Foto Matthias Vertommen
Steur. Foto Matthias Vertommen

Een aparte vermelding is weggelegd voor het Grevelingenmeer.  De Grevelingen is een voormalige zeearm van de Noordzee op de grens van de provincies Zuid-Holland en Zeeland. In het kader van de Deltawerken werd de Grevelingen door de Grevelingendam en de Brouwersdam van zee afgesloten. Het Grevelingenmeer is het grootste zoutwatermeer van West-Europa. Het zoutgehalte van het Grevelingenmeer wordt op peil gehouden door de Brouwerssluis waarmee zeewater ingelaten wordt in het meer. Door de afdamming van de Grevelingen zijn er hier geen getijden en kan je hier altijd duiken.

Ook in België zijn er een aantal mooie duikplaatsen.  Denk maar aan de diverse carrières (steengroeven) in de Ardennen waar men prachtige steuren en meervallen kan tegenkomen.

Noordzeekrab. Foto Dirk Van Meir
Noordzeekrab. Foto Dirk Van Meir
Piranha. Foto Dirk Van Meir
Piranha. Foto Dirk Van Meir

In Vlaanderen zijn er verschillende plassen en meren waaronder de zeer gekende Put van Ekeren, waar menig cursist zijn doopduik gedaan heeft, op de eerste plaats.  In de zomer verandert de Put van Ekeren trouwens in een prachtig onderwater aquarium tjokvol planten en vissen waaronder baars, stekelbaars, karper, paling, snoek, blankvoorn en rivierkreetfjes.

Dit toch in het ondiepere gedeelte van de put want als men de ‘echte’ put induikt komt men terecht in een fascinerende maar donkere wereld waar men nog prehistorische haaientanden kan tegenkomen in de grillige wanden.  In de winter is er weinig fauna en flora te zien maar kan men altijd de beeldengalerij gaan bezoeken.

Baars. Foto Thiery boeve
Baars. Foto Thiery boeve
Snoek.
Foto Matthias Vertommen
Snoek. Foto Matthias Vertommen

Tenslotte is er natuurlijk ook nog de Noordzee die bezaaid ligt met wrakken welke op hun beurt dan weer schuilplaatsen zijn voor grote hoeveelheden kabeljauw.  Deze duiken vereisen toch al wat ervaring omwille van de stromingen, diepte en, beperkte zichtbaarheid. Een goede buoyancy en de nodige handigheid met het schieten van de boei vormen een noodzaak alsook, nog meer dan anders, een goede duikplanning om niet in de problemen te komen.

Wrak v/d SS Pepinella.
Foto Matttias Vertommen
Wrak v/d SS Pepinella. Foto Matttias Vertommen

Meer informatie over de duikplaatsen kan men oa. vinden op https://www.duikersgids.nl/ en op https://www.duikplaatsen.be/