Sorrento 2016 – Verslag door Martine

Vrijdag 2 t/m dinsdag 13 september 2016.

Inpakken is niet mijn favoriete bezigheid, maar tegen donderdag avond lukt het ons dan toch om de tiretten van de vier valiezen dicht te zippen, zé ston kleer om morgen naar la Bella Italia te vertrekken.

Vrijdag 02 september.

Amai 5.45u en de wekker loopt af, pff ‘k moet precies gaan werken, maar neeeje we meuge op verlof en der emme we geen moeite mee.

Onze pick up is er al sé, Frankske et moi droppen al onze rommel in het buske en we kunnen vertrekken.

Voor ons begint het verlof altijd mé Starbucks, de vlucht is pas om 8.55u dus nog effe tijd om van die lekkere koffie te genieten.

Wij vliegen met Alitalia via Brussel>Milaan>Napels, aankomst 13.35u, waar we ons dan bij de rest van de Cowa groep aansluiten.

Effe men ogen sluiten dan lijkt het of we er sneller zijn.

Hier sé sé, de groep staat ook nog op hun bagage te wachten, zij hadden een rechtstreekse vlucht, maar door overboeking hebben ze vertraging opgelopen en zijn maar een half uurke vroeger aangekomen dan wij, eigenlijk wel gemakkelijk zo.

Tijd voor de vele bekende-Cowa’s nen dikke knuffel te geven en kennis te maken met de voor ons nieuwe Cowa gezichten, en da’s (bijna) nog nooit tegengevallen.

‘K zal ze nog eens efkens voorstellen aan wie dit leest hé.

Uiteraard Riccardo Chiancone & Hilde van Cowa Diving.

Pieter & Anke

Martynas & Sonata

Joeri & Els

Hans & Kirsty

Dirk & Ann

Ben(jamin) & Danielle

Anthony & Nicky

Thibaud

Pascal

Elke

En wij, Frank & Martine

Onze duikgids, Sergio Riccardo en vriendin Daniella

Als we de aankomsthal buiten stappen slingert Laura haar 31° warme stralen rond onze body’s, wat een verwelkoming.

We sleuren onze bagage naar de parking wat verder op, waar een grote bus juist weg rijd en ons, veel te kleine buske te voorschijn komt, amai dat wordt weer puzzelen, de chauffeur staat in zijn haar te krabben met het zien van de massa aan bagage.

Hij begint de ruimtes onderaan vol te steken en de rest wordt op de achterste rij zetels gestapeld, waardoor er voor twee geen zitplaats meer overblijft.

Ikke en Thibout blijven recht staan, maar Riccardo wil absoluut zijn plaats aan mij afgeven, en hij zet zich half op de leuning.

Wil’tem hier ná mé zeggen, hier á doos go mor wa zitte of zijn het de charmes van de galante Italiaan in hem, ik verkies het laatste natuurlijk ?

Om één of andere reden vraagt Dirk mij plagend, gij kunt toch ook mé een bus rijden hé Martine?

Jajaaaa natuurlijk Dirk, en draai met men ogen, ’k heb wel maar né C en geenen D hé, antwoord’k.

Dirk en Ben hun reactie is overduidelijk.

Van rijbewijs ..… ni van cup hé mannen, speel ik mee hihihihi !

Nice, de toon is gezet, denk dawwe weer veel gon lachen.

Ongeveer twee uur zal de rit duren want we moeten den berg over  langs smalle, soms kronkelende wegen, want ons verblijf ligt in de baai van Marina del Cantone. Een klein paradijsje aan de Amalfi kust, gelegen tussen de trekpleisters Capri en Positano, waar ook de Italianen graag hun weekends doorbrengen.

Rond vier uur komen we aan bij Villaggio Nettuno, vrij snel worden de sleutels  van bungalowkes toegewezen zodat we de valiezen daar al kwijt kunnen.

Het duikgerief blijft ineens beneden, das gemakkelijk, maar zoals twee jaar geleden is er nog steeds niet geïnvesteerd in plastiek bakken, zo handig om het kleine spul per duiker bij elkaar te houden en kapstokken zijn hier ook van goud geloof’k.

Deze twee dingen zouden het duikcentrum een praktisch kantje geven, swat voor de rest doen ze dat super.

Gelukkig hebben ze hier “un piccolo negozio” waar veel te verkrijgen valt, en vermits de meeste van ons uitgedroogd zijn is’t big business voor het Nettuno winkeltje.

Sergio Riccardo en zijn vrouw Daniella komen al eens een goeiedag zeggen, hij zal vanaf morgen weer onze gids zijn in de wereld van de visjes.

Hij belooft ons ook elke dag een fles van zijn zelfgemaakte limonchello mee te brengen voor bij de koffie, later zal blijken dat het bij twee flessen blijft, da zen der vier te weinig hé manneke.

Straks krijgen we nog nen briefing i.v.m. het duikcentrum, maar eerst gaan we eten.

Wanneer we het restaurant binnenkomen zit éne van de cleaningstaff, piano te spelen, allemaal herkenbare melodieën, mor goe is anders zené, misschien is het beter dat hij het op kuisen houd !

In het eerste gedeelte van het restaurant zijn er twee tafels voor onze bende gedekt, ééntje voor vijftien en de andere voor zes personen, iedereen zoekt zich een plaatske en smijt zich neer.

En algauw zijn der éénentwintig kwettereren mé wa wijn of een pint in hunne nek, en zo verdwijnen de klanken van onze pianist als sneeuw voor de zon.

We kunnen elke avond kiezen tussen vlees, vis of pizza, zowel voor het voorgerecht als voor de hoofdschotel en nen dolcé als afsluiter.

Er is ook een toogske aan de shop beneden, wat de bar moet voorstellen, maar waar de cocktails zeer heerlijk zijn.

Beneden in het haventje gaan we der mé heel den hoop nog ene pakken en klinken op het begin van dees verlof.

’Tis vrijdag en uiteraard het begin van het weekend en dan organiseert de Villaggio né kids-amusement-avond, met drie entertainers die mee roepen, gillen en dansen op de muziek.

Oorstoppen in, slaapwel tot morgen.

Zaterdag 3 september.

Wij staan om 7u op, zodat we om half acht van het buffet kunnen genieten, en we zijn ni allen die er zo over denken, ‘tis prachtig weer amai, en het uitzicht over de Amalfiekust is subliem.

Dat kids gedoe gisterenavond heeft nog laat geduurd, moestte die snotters ni in hun bed liggen seeeeeg.

Deels van de groep heeft wel goe geslapen, mor meerdere hebben zich toch geërgerd aan die veel te luide muziek.

Effe mijn schijfjes stokbrood en een koffie nemen, omwille van onze Riccardo maken ze hier een uitzondering voor die eenentwintig van Belgie, hij zorgt ervoor dat er wat vlees en kaas op tafel wordt gezet, goe bezig, grazie.

Italianen eten ’s morgens né zoete koek mé ne koffie, en thats it.

’T is negen uur mannekes, tijd om ons in het duikpak te wringen en onze jackets op de flessen te monteren. Alles wordt dan met zo’ne gemotoriseerde driewieler-pick-up naar beneden aan het keienstrand gebracht.

Vandaar sleuren we alles zelf aan boord, verdoemme wat worden wij verwent op de live-a-boards, daar staat gewoonlijk altijd alles al klaar.

Montaldo wordt onze eerste duikplaats.

Tijdens de duik merk ik dat mijn computer geen duik registreert, ik kan niet zien op welke diepte ik hang of hoe snel ik stijg, swat ik gebruik Frankske zijn gegevens dan maar om verder te duiken.

Dirk stelt voor zijn reservecomputer te gebruiken, dank u wel Dirk, dat maakt het duiken weer een stukje veiliger en comfortabeler.

Na het verwisselen van de flessen varen we naar grotta d’isca, ons tweede plaatske voor vandaag, door de lichtinval zijn de doorgangen heel mooi, ook in de grot, waar we onze kop boven water kunnen steken en de prachtige stalactieten kunnen aanschouwen, leuk duikske.

Er is wat wind komen opzetten en maakt dat het water redelijk choppy is, wat het terug aan boord klimmen best wel bemoeilijkt me al da gewicht aan ons lijf.

Terug aangekomen en alles spoelen, mm das raar er zit water in mijn lamp, ze is nochtans goed vast geschroefd ?

Effe open maken en laten drogen in’t zonneke terwijl we douchen en een kleinigheidje gaan eten, de meeste verkiezen een broodje, toasted bread (wat bij ons ne panini noemt) of mmmmm né caprese, das sla, tomaten en mozzarella, mmm lakker lakker.

Pascal, Anthony, Nicky, Elke en Thibaud, allez de jeugd, wandelen naar de volgende baai met het witte keienstrand en een bar en of restaurant.

Een schoon wandelingske langs de flank van de berg, maar het etablissement is afgehuurd voor een privéfeest, pech dus voor de droge kelen en hongerige magen.

Terwijl de meerderheid terug naar de Netuno stapt, wil ik nog effe op zoek gaan naar dat restaurantje vlak aan het water, waar we over twee jaar mé Sergio Riccardo zijn gaan eten.

Vele trappen daal ik af, maar dat betekent ook veel trappen terug omhoog en’t is hot vandaag, dat wordt dan een beetje puffen hé.

De derde afdaling is de juiste, La Perla, een klein open restaurant, met houten wanden, vlak aan het keien strand, niks fancy mor wel gezellig om te zitten en ni te vergeten, lekker eten.

Zondag 4 sept 2016.

Oooopstaan, ik gooi de deur van de bungalow open en zie Joeri weer rondjes wandelen met twee gsm’s, trap op trap af.

Hij en Els zijn zwaar gebeten door het Pokemon-virus tTtttTttTt.

Of,….. het is een trukske van Els om ’s morgens van wat Me-Time te genieten, who knows ???

HelloooOOooOo beautiful sunshine, toch zalig hoe die zachte stralen ons vellekes likken.

Kom kom Frankske, we gaan gezellig ontbijten.

Der zullen vandaag veel Italianen huiswaarts keren, hun weekend zit er op, dat van ons nog niet, gniffel gniffel.

Okidoki klaar maken voor den dive van vandaag, het wordt een conische pinakel, helemaal groen, begroeid met bloemachtige plantjes.

Van vis geen overvloed, we passeren een kleine murene, een lila naaktslakje maar das zowat alles op dit moment.

Daar nen octopus, die ontsnapt niet aan mijn speurende blik, zijn holleke is helaas te ondiep om helemaal in weg te kruipen.

Hij probeert zich te bedekken met de restanten van vorige maaltijden, zoals de schelpen en krabschalen, die nog vóór zijn grotje liggen.

Enkele Cowa’s die wat dieper hingen hebben nog een grote baars gezien, wordt aan boord verteld.

Om één uur deze middag stappen we mé allemaal gewassen en gestreken de bus op. We hebben er voor gekozen Sorrento te bezoeken, de regio van de Limoncello likeur, en dat op maar driekwartier van waar wij zitten.

Achter den bocht komt deze, toch wel grote stad te voorschijn, maar het voor de toerist belangrijkste deel, is de oude stadskern met de vele winkeltjes, restaurants en gelatto barrekes en das niet zo super groot, gelukkig maar.

Eerst een bezoekske aan het winkeltje van Riccardo’s broer, waarna de meerderheid iets willen gaan eten. Wij passen, ’t is al dik na den tweeën en willen iets van deze stad zien, we kopen ons een belegd broodje en koffie aan een stalletje en wandelen verder, oooh wel spijtig dat er redelijk wat winkeltjes nu gaan sluiten.

Het haventje is klein maar gezellig met daarnaast het donkere zand strandje.

Onderaan de klif van een chique hotel liggen, de verticale op houten palen, en de horizontale in rotsblok opgetrokken zonnepieren, de beste oplossing als je zo weinig strand hebt als Sorrento.

Deze vormen telkens vierkanten die het zwemgedeelte aangeven, en op elke verticale steiger staat een rij kleurrijke strand cabines met parasols en ligbedjes bedekt met glanzende bezwete, natte of ingesmeerde lichamen die liggen te bakken in de zon.

Van hier boven kan je via een lange zigzag weg of met de lift tot aan het water geraken, mor da houwe we ver nen andere keer.

Dus dat betekent dat we nog wel eens terugkomen naar deze toffe stad.

In de smalle zijstraatjes, hangt de was boven onze kop te drogen, een typisch zicht in Italie of beter gezegd van de hele mediterrane regio.

Nog een ijsje en een terrasje vóór dat we terug naar ons vertrekpunt stappen.

Er is een nachtduik voor de liefhebbers gepland, Hilde, Ann, Danielle, Anke, Riccardo en ik houden het gesleur voor bekeken.

Later die avond aan de tafel, horen we dat Martynas zijn lamp en GoPro in het water zijn gevallen met op de boot te klauteren.

En niemand kon helpen met ze terug te vinden, want hij had ze al uitgezet, amai een duur grapje, dat ligt zwaar op de maag, hopelijk smaakt zijn eten nog.

Na het eten wil onze gids, Sergio Riccardo, de vrij bekende Italiaanse natuurfotograaf, ons mee van zijn prachtige foto’s laten genieten, die nu in een boek gepubliceerd staan.

Daniella neemt het “woordje uitleg” voor haar rekening, zij is vlotter in het Engels, vooral dan voor het vertalen van Sergio’s Inglese.

Maandag 5 september 2016.

Tuut tuut tuut … opstaan, eens kijken of Laura al van de partij is.

Neeeeeeeeje ‘tis grijs, en ’t wordt nen twijfel of we wel of niet naar Capri kunnen, omwille van de weersomstandigheden, maar t’word né, Yes We Can.

Eerst duiken we onder de rots, en dan gaan we op de rots, is dat om praktische redenen niet beter andersom ?

Grotta Segreta is een grote mooie grot, waar mijn lamp plotseling, “foert” zei, en toen was het donker.

Z’is nor de klote, allez wa’st volgende da kapot kan gaan ?

Terug aan boord van het kleine bootje, word het een gewroet om me onze klammige lijven een beetje discreet in onze kleren te geraken. Maar waar een wil is, is Capri.

Marina grandé is voor de ferry’s. Wij zijn met twee kleine privé bootjes en worden naar Marina Piccola gebracht, da’s uitstappen en de bootjes voor anker leggen, want ze mogen niet aangemeerd blijven liggen, maar dat is onze zorg niet.

Capri, niet zomaar een rots hé, Capri is waar vele van den elite, een buitenverblijf hebben. Trouwens, er staat momenteel boven op de top een villatje te koop, voor een kleine 35 miljoen euro word ze de uwe, iemand interesse ?

Het is een decadente plaats, Louis Vuiton en konsoorten met prijskaartjes waar dagge mottige van word.

Een wandeling langs de drukke smalle straatjes naar het parkje met zijn mooie uitzicht.

Mannekes ….. groeps-fotooooo.

Effe iets kopen in de bakkerij want menige maagskes reclameren.

De funiculaire over Anacapri brengt ons naar de top, maar die ligt volledig in de mist, spijtig genoeg geen prachtige views vandaag.

Op onze terugreis met de boot is er veel wind en lange golven die het koude water doen opspatten, brrrrr we kruipen dicht bijeen in het kleine kabinneke, donkergrijs is de kleur boven onze hoofden als we in ons haventje toe komen.

Amai die warme douche was zaaa-alig.

Tijdens het eten begint het te flitsen aangevuld met wat gerommel, wat meestal een prachtig schouwspel geeft, blijft nu heel beperkt, drup drup drup, ja we emmenet aan ons pan.

Tussen de regenbuien door, doen we een stapje rapper naar de bar, beneden aan’t strand. Gezellig der nog éné pakken hé.

 

Dinsdag 6 september 2016.

’T heeft heel de nacht geregend en het wordt er niet beter op.

Sergio en de kapitein hebben de planning voor vandaag, omwille van de weersomstandigheden, aangepast, het worden andere duikspots en twee ipv drie duiken, één dag en één nacht.

Riccardo en Hilde zijn teleurgesteld, dat één van de “save the best for last dives” letterlijk in’t water vallen.

Geen twee plonsen aan de “Banco di Santacroce”, maar in plaats daarvan zullen we de “Grotta Dello Zafiro” in gaan.

Positano is een aanrader om deze namiddag te bezoeken.

All aboard, blauwe hemel maar toch nog veel wind en schuimkoppen op het water, maar het zonnetje doet meer dan haar best.

De baai met de dobberend bootjes en het rechthoekige zandstrand, rondom het liefelijk, tegen de berg opgebouwde stadje, geveltjes geverfd in wit, geel, zalm, brick en aarde tinten.

Het is geliefd voor haar, uiteraard drukke, kleine kronkelende gezellige winkelstraatjes met beneden in het midden de kerk.

Frankske et moi genieten van een straf koffeke, wandelen helemaal tot boven waar het zicht op de baai en Positano wauw is.

Beneden op één van de terrasjes, tegen het strand, is het zalig vertoeven, alle ingrediënten zijn aanwezig, een lekker drankje, né cremeglace en goe Cowa gezelschap.

De nachtduik-briefing was blijkbaar niet zo duidelijk voor vele, uit verschillende verhalen aan tafel konden we uitmaken dat het iets  was met een wall en een pinakel, tja dat blijft altijd moeilijk me né nachtduik. Riccardo die mee aan boord was gegaan, zag meerdere lichtbundels verward de verkeerd richting uitgaan, zodat de boot hun achterna is gevaren.

Wat er nog meer fout gelopen is, weet ik niet, maar Nicky is helemaal overstuur.

Woensdag 7 september.

De ingrediënten voor onze laatste duikdag zijn, grijs, wind en friskes, snik.

Ook vandaag gooien de weergoden roet in het eten, er kan niet gedoken worden op de “Vervece” een marine reservaat, de ontgoocheling is af te lezen op de gezichten van Riccardo en Hilde , zij wilden dit zo graag laten zien, maar hun tweede “beste voor laatst gehouden duikje” mag niet zijn. Een reden om terug te komen ?

Dus, Punta Campa Nella wordt den eerste, waar we een mooie grote Umbraculum slak hebben gezien.

Umbraculum umbraculum

Den tweede mag iedereen kiezen, en het toffe is, dat bijna iedereen er spontaan voor kiest om de verloren GoPro en lamp te gaan zoeken die Martynas bij zijn nachtduik, zondag, op Montaldo, is kwijt gespeeld.

Het word een spontane search and recovery, op de 500ste van Anke en ik, nice.

Het duurt geen half uur voor dat Sonata de spulletjes als eerste terug vind, opluchting en een zichtbaar gelukkige Martynas.

Iedereen is druk in de weer met zijn spullen deftig te spoelen en nu maar hopen dat het morgen allemaal droog is.

La Perla … qui veniamo, samen met Hilde en Riccardo gaan we daar lekker lunchen.

Ons valiezen zijn zo goe als gepakt, het duikgerief zal voor morgenvroeg worden.

Donderdag 8 september.

De laatste spullen nog in de bagage proppen, dichtritsen, ontbijten en vertrekken richting Napoli, joepie.

Allez, ná emme we trug da klein buske, deze chauffeur ligt ook al in zijn haar te krabben, bij het zien van den hoop bagage.

Heel waarschijnlijk voor de bochtige smalle straten in sommige stadjes waar we met de bus door moeten.

Het is prachtig weer als we rond de negenen arriveren aan de site van Pompeï, ik heb geen idee wie er allemaal mee binnen gaat, maar wij hebben er zin in. En in die granaatappels aan de boom naast de ticket-booth, heb ik ook zin, mmmm zo lekker.

De afspraak is om half twee terug aan de bus.

Met ons plan en audio-guide struinen we langs de straten, van de ooit onder lava bedolven stad, luisterend naar de verhalen proberen we ons in te beelden wat een grootste stad dit moet zijn geweest. De Thermen, de mozaïeken en de fresco’s, wauw allemaal heel interessant, wij hadden hier wel tot sluitingstijd willen blijven.

Herculaneum is in zekere zin nog interessanter omwille van de omvang, het is een veel kleinere stad en meer in tact, omdat er eerst een dikke modder stroom is geweest, zie het als een soort van beschermingslaag, vooraleer de laag lava kwam aanrollen.

Maar ‘k ben toch heel blij met ons bezoek aan Pompeï.

Het begint zowat friskes te worden en er zijn veel wolken komen opzetten. Mmm zietter ni goe uit.

Donker grijs en koud is het als we bij de Vesuvius aankomen.

Met dit gure weer besluiten Frank en ik niet mee de berg op te gaan, wij hebben hem twee jaar geleden bewandeld, dus dan is dat niet zo erg hé.

Een koffietje zou smaken, maar het cafétje zit vol en buiten blijven staan is geen optie, want het begint te regenen.

Ik wandel de lange rij geparkeerde bussen af, op zoek naar de onze, en gelukkig is onze chauffeur nog aanwezig en opent de deur op mijn vraag of we binnen mogen zitten. Mille grazie.

Frankske en Martynas die het ook niet zag zitten, volgen.

Danielle koopt nog gauw een sweater, bij één van die kraampjes en komt er ook bijzitten.

De wandelaars keren snel terug, ze zijn verkleumd, nat of bevroren, en het zicht was uiteraard nihil.

Spijtig want bij mooi weer heb je daar een prachtig zicht.

Tja …’t hee ni mooge zijn aweur.

We zijn gearriveerd in het prachtige oude gedeelte van Napels, waar ons “Europeo hotel” op de ‘terzo e quarto piano’ ligt in één van de hoge appartements-huizen van deze levendige studentenwijk.

In de semi doodlopende Via Mezzocannone, kan of mag de bus niet komen, dus dat wordt sleuren hé mannekens, mé al onze rommel de straat omhoog tot aan het mini liftje in de hal.

Hier moeten we wat geduld hebben, met het oude kreunende ascenseureke moet alle bagage van eenentwintig duikers, en eigenaars boven geraken en tussendoor hebben de bewoners of andere toeristen de lift ook nog effe nodig.

De charmante kamers, van het volledig in taferelen beschilderde hotel, zijn klein maar proper, en meer moet dat niet zijn hé.

Vrijdag 9 september.

Buongiorno Napoli.

Voor ons Italiaans ontbijt, rechtstaand né zoete koek met een cappuccino, worden we om 08.30u bij Scaturchio verwacht, dat is een koffiebar/bakker om de hoek.

Heel de Cowa bende is compleet en wandelen langs de Via Toledo naar de Funicolari, Riccardo wil ons het 360° panoramische zicht vanop Castel Sant’Elmo laten zien.

Maar der is een klein probleemke, de kabeltrein is kapot, dan maar naar de metro, met de blauw-witte mozaïeke trappenzaal.

Grappig maar bij iedereen die hier voor het eerst komt, valt die mond open, wanneer ze onder de lichtkoker in het plafond verder rollen, die kleuren, echt sjiek zené.

Riccardo heeft gelijk, het uitzicht is subliem, incredibilmente bello. Dit is het jongste kasteel van de vier, in Napels.

De Vesuvius dreigend op de grijze achtergronden, de eilandjes Capri, Procida en Ischia waarvan we der morgen nog één gaan bezoeken.

Nog effe een leuke groepsfoto vóór we dit stervormige ford verlaten.

Blijkbaar zijn we, Pieter, Anke, Frank en ikke, wat traag geweest want als we buiten komen zien we niemand meer, zemme ons achter gelaten woeaaah snik.

Wij besluiten dan maar de, lange, kasseien trap naar beneden te volgen omdat we niet weten in welke richting de Cowa’s zijn gegaan en zo zien we weer eens een ander stukje van de stad.

Het zijn zo van die trappen waar dat ge altijd met hetzelfde been de stap naar beneden zet, just te kort om twee passen te zetten en te breed om het met ene stap te kunnen klaren, gelijk in de zoo van Antwerpen, wette wel ?

We komen uit in de winkelstraat die naar de haven leidt, ooooh das super, zegt Anke duidelijk heel enthousiast, zullen we in de haven aan Castel dell’Ovo iets gaan eten ?

Goeie herinneringen hier Anke ?

Een tafeltje vlak aan de waterkant, dobberende bootjes en jachten, pizza, een fleske lekkere wijn en goe gezelschap, nice.

En…… nog een flesje wijn.

Pizzeria Medina, was normaal de plaats van afspraak voor de lunch, gevolgd door een koffie in het mooie historische pand, Gran Caffé Gambrinus, een bezoek aan Teatro San Carlo om vervolgens af te zakken naar de buurt rond Castel dell’Ovo, daar waar wij al zijn.

Het wordt nog een leuk avondje.

Zaterdag 10 september.

De ferry naar Procida vertrekt om half tien, dus op tijd uit ons bed, ontbijt om de hoek en te voet naar de haven.

Gggggrrrrr grijs en druppels, mmMmMmm opklaring.

Procida, hier geen mega-hotels, discotheken of peperdure merken maar typische nauwe straatjes met kruideniers en huis-,tuin-, en  keukenwinkeltjes.

Aan de affiches te zien, zijn ze duidelijk heel fier dat de films, Il Postino met de Italiaanse schoone, Sophia Loren en de Amerikaanse thriller, met Matt Damon als, The Talented mr. Ripley, deels hier in het haventje werden opgenomen.

Het is ondertussen helemaal opengetrokken, dat belooft né prachtig zonnige dag te worden.

Een smalle steile straat leid ons naar het hoogste punt van dit eiland, waar de burcht Terra Murata en de abdij staat.

Onze Italiaans sprekende gids in de abdij vertelt, en Riccardo vertaald, ….. “emmè-nè niksè, doodenè poefenè innè de poetè”, waar hij mee wil zeggen, dat de armen die stierven in ene put werden gegooid, voila das toch simpel hé.

Amaaaaai, dat zicht op het haventje van Corricella, met de pastelkleurige huisjes, grandioos precies een postkaartje.

En dat ene huisje in zalmkleur, schuin geplaatst tegen de waterkant, daar wil Riccardo gaan lunchen, Hilde, wij, Hans, Kirsty, Joeri, Els, Pieter en Anke gaan mee.

Omdat er verschillende things to do zijn, spreken we een uur af aan de ferry.

Gorgonia Ristorante ligt vlak aan het water, zo precies wat verstopt achter een hoekje, echt wel gezellig.

Op de tafel naast ons, blijven ze maar gerechten bijzetten, blijkt dat het Japanse topchefs zijn, die de Italiaanse keuken uitgebreid willen ontdekken, onverstaanbaar maar duidelijk aan het palaveren over de smaken die ze proeven, grappig om ze bezig te zien.

Amai, ’t was weer lekker zené, we kuieren verder langs de kade en de typische straatjes.

Het is tijd om dit pittoreske eilandje te verlaten, zodat we tegen de zessen terug voet op het vasteland zetten.

Zondag 11 september.

Druppels grom !

Rond de negenen gaan we de Chiesa Del Gesù Nuovo binnen en dan splitsen we de groep in twee, né kleine en né grote, Hilde laat ons tweetjes het klooster Santa Chiara zien, terwijl Riccardo met de anderen de Cappella Sanseveria bezoekt, hier ligt de uit één blok marmer gekapte, gesluierde christus, zo minuscuul fijn werk, zeker de moeite om een keer gezien te hebben.

Dit was het laatste evenement van deze reis voor zeventien van onze Cowatjes, want zij vliegen huiswaarts en moeten om halftien op de luchthaven zijn.

Riccardo is druk bezig met alleman inclusief bagage, in de taxi’s te proppen, dit stukje verloopt dikwijls nogal hectisch, omdat de taxichauffeurs er openlijk press achter zetten en vind zijn rust pas terug als we iedereen hebben uitgewuifd.

Het plan voor vandaag wordt, gezellig slenteren door de straten waar Riccardo zijn jeugd doorbracht, we lopen de universiteit, twee van de vele kerken in Napoli en het Pompeiaanse huis met een grote tuin op de eerste verdieping binnen.

Lachen, eten, drinken en tetteren, ni altijd in die volgorde uiteraard.

Maandag 12 september.

Yeuy, we are going to shop till we drop, nice.

Tussen het winkelen door nog een terraske doen sé, toch zalig dat Laura terug van de partij is.

Frankske gromt wanneer hij een mailtje van Alitalia opent, onze terug vlucht van morgen, is vijf uur vervroegd, shit hé.

Watte … zen die ná op unne kop gevallen, ontsnapt er aan mijn lippen, vijf uur afpakken in een stad waar dat er zoveel toffe winkels zijn, miljaarde. Der valt niks aan te veranderen, mor das toch een doemperke zené.

Hilde en Riccardo hebben vanavond met Gianni afgesproken.

Wij blijven gezellig op het terras tussen de studenten, de pintjes en de prosecco’s zitten.

Den ober blijft maar snacks op de tafeltjes zetten, en ze zijn lekker, dus wa doe né mens, knibbelen hé.

Ons plan om sebiet een restaurantje te doen, zal niet doorgaan, want wemme geenen honger ni meer.

Dinsdag 13 september.

Papa Chiancone wil nog andere stukjes van zijn stad laten zien, we wandelen door de gezellige drukte en gaan via de stationsbuurt  en een markt met namaakspul, richting naar het huis met de Spaanse trappen. Dit is een buurt waar hij zich voor schaamt vertelt Hilde, beetje te vergelijken met den 2060 in Antwerpen, de school, die waarschijnlijk vele herinneringen met zich meebrengt en er volgens hem, nog steeds even lelijk uitziet.

Alles komt in een stroomversnelling terecht, vijf kostbare uren, dat is wat zené, zeker als het zo gezellig is.

Kinderwinkels en schoenwinkels zijn, the things to do, tussen, the things to see.

Okéééé, nu moeten we echt richting hotel, maar toch nog effe in de rapte heel schoon schoenen passen, oooh spijtig maar ze zitten ni goe.

’Tis nu ook tijd voor ons, om met spijt in het hart, afscheid te nemen van Hilde en Riccardo, want zij blijven nog tot zaterdag, de gelukzakken.

En Napoli, ….. tja we willen het nog wel eens zien vóór dawwe sterven zené.

Op de luchthaven willen we nog een paar flessen Limoncello Villa Massa kopen, maar dat mag blijkbaar niet, omdat we op Milaan vliegen, alles behalve alcohol, wordt ons gezegd !!!

En zoals altijd, is het toch goed om thuis te komen, voilla onze vakantie hoe ik het heb ervaren, tot gauw lieve mensen.